De Philaenen

Deze morgen in het krieken opgestaan – niet wegens gekwetter en gekras deze keer, gewoon zelf een vroege vogel. Ontbeten met wat nog restte van Sallustius’ De Oorlog tegen Jugurtha (online 1,2,3alle).

Sallustius is een oude (nu ja) liefde: tijdens mijn middenjuryjaar heb ik De samenzwering van Catilina met plezier eigenhandig doorgenomen, en zijn losse stijl en politieke observaties vond ik best ok.

Dit typerende uittreksel is het eerste wat deze morgen rond 6 uur voorgeschoteld kreeg, bij mijn kommetje Honey Pops. Meegenieten kan:

Ten tijde dat de Carthagers een groot deel van Africa beheerschten, waren ook de Cyreners machtig en aanzienlijk. Tusschen het gebied der twee staten lag een onafgebroken zandige streek; er was noch rivier, noch berg die de grens zou hebben kunnen aanwijzen, vandaar een geweldige en gedurige krijg. Nadat van beide zijden legers en vloten geslagen en op de vlucht gedreven waren, en beide partijen elkander nagenoeg hadden uitgeput, beving hen de vrees, dat overwinnaars en overwonnenen, gelijkelijk afgemat, door een derden konden worden aangevallen; gedurende een wapenstilstand werd een overeenkomst gesloten, volgens welke op een aangewezen dag uit ieder dier beide steden boden vertrekken zouden; daar waar zij elkander ontmoetten, zou de grens der beide volken geplaatst worden. Van de zijde van Carthago worden twee broeders uitgezonden, de Philaenen geheeten, die zich haastten den weg af te leggen. De Cyreners waren langzamer, hetzij door achteloosheid of door een toeval. Men kan in die streken door een storm opgehouden worden, evenals op zee. Wanneer de wind, strijkend over vlakten zonder plantengroei, het zand van den bodem in beweging heeft gebracht, vult het in zijn heftige beweging mond en oogen, verhindert den reiziger om zich heen te zien, en belet hem aldus de reis voort te zetten. Toen de Cyreners zagen dat hun mededingers hen voor geweest waren, vreesden zij wegens hun nederlaag te huis gestraft te zullen worden; zij beschuldigen de Carthagers, hun stad vóór het bepaalde oogenblik verlaten te hebben, brengen de zaak in verwarring, en verklaren dat zij liever alles willen ondergaan, dan overwonnen te vertrekken. De Pheniciërs willen dat nieuwe voorwaarden gesteld zouden worden, indien zij maar voor beide partijen gelijk waren. De Grieken laten daarop den Carthagers de keus; of wel zij zouden op het punt, dat zij tot grens voor het volk verlangden, levend begraven worden, of wel zijzelf zouden, op dezelfde voorwaarde, doorgaan tot een door hen gekozen punt. De Philaenen nemen de voorwaarde aan, en offerden zichzelf en hun leven aan den Staat; zij werden inderdaad levend begraven. De Carthagers wijdden op de plaats-zelf een altaar aan de Philaenische broeders; andere eerbewijzen werden hun in hun vaderstad toegekend.

Wijs, die Antike!

Advertenties

2 thoughts on “De Philaenen

  1. Het is eigenlijk “De samenzwering van Catilina” (niet ‘tegen’).
    Die vergissing vond ik al eens eerder op de omslag van een Nederlandse vertaling van het bewuste boek(!).

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s