Marsman over Pinthus en vormbesef. Met een noot naar Jean Paul.

Op zoek naar een uitdrukking over een recensie van Hendrik Marsman uit 1921 (uit Den Gulden Wickel 20) over de bundel Menschheitsdämmerung van Kurt Pinthus gestruikeld, die bekende collectie expressionistische gedichten van na WWI. Marsman oordeel in een notendop:

HET werk: een schreeuw, geboren uit veel bloed en tranen; vorm: ontbreekt; bij gevolg: geen kunst.

Iets uitgebreider klinkt het verderop:

Duitschland heeft vier jaar gevochten: dat wijzigde bij een groote groep ten deele de mentaliteit; zij werd die – zooals hare dragers gaarne en smakeloos prediken – van de ‘gelouterde Menschelijkheid’. Daar is onloochenbaar iets – vrij veel – van aan. Het is begrijpelijk: honger, ziekte, luizenplaag, shrapnells doen twijfelen aan een en ander; en – naar verluidt: uit den volmaakten chaos, hel-en-hemel van al ’s levens waarden, stond de Mensch op, naakt. In wezen accepteer ik dit; vele verschijnselen staven het, zoo de boeken van Toller, Kaiser, Rubiner, Von Unruh, Frank – maar hun mentaliteit ligt me niet: ze is zwaar, huilerig, vermoeiend-‘hartelijk’, ‘menschelijk’ alweer, ik stem het toe, ‘al-te-menschelijk’ zelfs, echter: zoo ze in-staat waren hun psyche – van welke makelij die dan ook is, mits lévend – in hun werk te ver-beelden, vòrm te geven, dan hadt ge dat als kunst te aanvaarden. Zij falen echter: al deze menschen – met uitzondering van Heynicke, Trakl, Stramm – missen: creatief en expressief vermogen, zij vertolken hun mentaliteit gebrekkig, luk-raak, zoo-ongeveer (‘er war ein Dichter und hasste das Ungefähre, Rilke in ‘Brigge’) – slaan er een slag naar, vrijwel steeds mis. Daarom en daarom alleen: geen kunst. Want leven is er achter: ‘fel, opstandig, pathetisch’.

Ik ben blij dit zo te lezen – ik herinner me hoe ik jaren geleden door de bundel bladerde en slechts enkelingen (Trakl, Stramm, Benn…) goed vond – de rest simplistisch, plakatief, onecht.

En dan volgt een vergelijking met anderen, zelfs uit het Pantheon, waartegenover Cervantes en – vuurwerk – Jean Paul genoemd worden:

Daarom: laat mij Jean Paul lezen, wat ge maar wilt van hem: een kosmischen kwinkslag, of een novelle van Cervantes: geciseleerd en àf, zòo-en-niet-anders, of … Ik wil er met nadruk op blijven wijzen – tegen alle catechismussen der idee- en Mensch-expressionisten in – dat er zonder nauwkeurig vormbesef en ten-einde-toe-doorwrochte expressie nooit-ofte-nimmer kunst kan zijn; ik kies voorbeelden (‘verdammt, soll ich euch denn alles vorpfeifen?’ Jean Paul!) zelfs, uit de grootsten, uit-den-treure verheerlijkt: Whitman, Van Gogh, Mevr. Roland Holst. Kosmisch-in-aanleg, ongetwijfeld, maar teveel van hun pogingen tot verwerkelijking stranden op een gemis aan kùnnen. ‘Kunst mag zijn, al wat ge wilt, maar het kunstwerk komt uit de werkplaats’ (Wichman – men deed beter hem te lezen dan ‘m te laten verhongeren -).

Nou, nou.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s